"In de strengste winter van de 20e eeuw, in 1962-1963, reden er niet minder, maar juist méér treinen. Gewoon omdat het verkeer over weg en water hinder had van sneeuw, ijs en strenge vorst.
Er waren wel problemen, maar de NS kon dat allemaal aan. De treinstellen waren oud, maar prima onderhouden. De wissels bevroren wel, maar er was genoeg personeel om dat te verhelpen. Er was een dienstregeling op papier, niet in computers. Seinen en wissels werden nog door mensen bediend, niet door datakabels en printplaten. En alles was van één staatsbedrijf, geen in ruziënde brokken opgesplitst, geprivatiseerd en verrot managersparadijs waar de bonus toch wel betaald wordt.
Het vroor onafgebroken van begin november 1962 tot eind januari 1963, met temperaturen van -21°C. De grootste verstoring was van een sneltrein Utrecht-Groningen die 10 minuten vertraging opliep.
Ik ben in een ander land geboren," schrijft Olav ten broek.
Aanvulling:: sinds opsplitsing in ProRail is het machinisten niet langer toegestaan om zelf wissels vrij te maken met een brander, terwijl dit voorheen wel zelf verholpen kon worden, zo begreep ik jaren geleden.
Nu moet er iemand met een autootje komen. Over de dichtgeslibde wegen.
Bron:
facebook.com/share/1Fbr9kRVC…